zaterdag 25 april 2020

Stilte wacht traag

stilte wacht traag
stilte wacht tot leegte wegebt
geduld is een traag en stil groeien
het lijkt niets
het lijkt leeg
het lijkt lastig
Dit wachten beu
Geen actie ondernomen
zo simpel is het
zo simpel is het dat
ik nietig word
terwijl de zon overdadig schijnt
en ik weg rust
weg rust
tot de goesting, verschillend, één voor één onderzocht
nietig word,
terwijl de actie verder de zon aan andere
horizonten nodigt.
Ik rust weg in het donker worden
de dag valt in mijn schoot
ik heb er niets mee gedaan
Leegte wacht traag
Leegte wacht tot ook stilte
weergalmt in mijn leden.
Ongeduld is last en roest snel
Met de zon in mijn knieën put ik
uit de leegte, de goesting zo rijkelijk verschillend
dat het me uiteindelijk voedt,
De laatste zonnestralen
verlichten.

Hilde Droogné

zaterdag 11 april 2020

Boogvlucht

De halve boog zichtbaar
het geraamte van mijn kinderkamer.
Planken bewonen de container
Planken die ooit noten telden tot ik droomde.
Het raam staat open
merries vervoegen gewillig de container.
De vertrouwde lucht ademt zich weg.
De container vult zich met onze wanden
waar wij op uitkeken.
Het is nieuw
Het is mijn nest voorbij.
De berkenbomen staan er nog
Ze waaien de adem weg
van het kind dat ik was.
Verscholen zolderkamer
Verdieping groot
Je was toevlucht onder de pannen.
De bakstenen leggen zich nu
in nieuwe ruimtes open.
Ik laat het geraamte sterker worden
van het kind dat er woonde
om uit te vliegen,
De vensterbank is een goede basis.
De andere halve boog voeg ik toe,
In de lucht tekent zich een boogvlucht.

Hilde Droogné

zaterdag 4 april 2020

Nieuw is komen

Nieuw is komen
Onverwacht
komt het nieuwe
Welgekomen
door de vele uren op het pad
Door de uren die ik zwichtte
die ik ellenlang verzaakte
omgeslagen de gulle toekomst die ik ontliep
die ik ontliep
als een welgemutste zwerver
die liever keert dan komt
liever zweert dan roemt
omkeert het rad voor ogen.

Nieuw is mezelf eindelijk tevoorschijn verwachten
Stapvoets mijn tien tenen tellen op het komende pad
waarop ik eindelijk hinkel
lichtvoetig het pad aanboor
en de benen zet voet voor voet
tel de kern die in mijn palmen stroomt.

Heelal roepen en blijven staan
Parmantig stevig blijven staan

Nieuw is komen,
tevoorschijn komen
op het appèl
thuis in deze wereld
Aangeland.

Hilde Droogné